Vervolg: participatief beleid 2

De dienstverlening staat, maar is nog niet uitontwikkeld. Onduidelijk is de houdbaarheid van gekozen oplossingen. De vernieuwende  kracht van het bedrijfsconcept is bovendien nog lang niet uitgeput. Zijn nieuwe  gebruikersgroepen (bijvoorbeeld tweeverdieners) binnen de wijk te vinden die een doorgroei op commerciële voet mogelijk maken en is dat wenselijk? Kan het LWDB ook een werkervaringplek zijn voor nu nog niet bereikte groepen (voortijdig schoolverlaters, niet-werkenden die niet zijn geregistreerd).De dienstverlening kan verder worden vervolmaakt en uitgebreid door te experimenteren met innovatieve ICT-toepassingen.
Aan het eind van de periode staat een LWDB met klanten, dienstverleners en een functionerende interne bedrijfsvoering. ‘Omzet’ doelen en realisaties zijn bekend, met lokale partners zijn samenwerkingsovereenkomsten gesloten. 
De projectperiode is veel te kort om het project echt te kunnen ‘zetten’ (uit: het overleg van wethouders in midden Brabant januari 2008)
De 10 midden Brabantse hebben op grond van deze overwegingen het besluit genomen om op lokaal niveau het WZSW project te continueren. Aan die besluitvorming liggen gemeentelijke adviesnota’s ten grondslag.